Bijdrage Diana Vernooi en Riet Engel, zondag 21 juni 2010

 
 

Voorganger:  Diana Vernooij

Gastvoorganger : Riet Engel

Thema: Tussen Angst en Verlangen

Overweging. (Riet Engel) 

U kent het vast ook, dat je soms iets doet terwijl er talloze argumenten zijn om het niet te doen. Dan overstemt het verlangen van je ziel je angst voor veranderingen.

 

Zoiets, stel ik me voor, gebeurde met de vrouw uit het verhaal. Ik nodig u uit om met mij het verhaal van vanochtend in onze tijd te plaatsen en ons beurtelings in te leven in de personages. Te beginnen met de vrouw die zondares genoemd wordt.

 

Zij neuriet al dagen, zonder dat ze weet waarom, het liedje:” Ontwaak, noordenwind! Kom, zuidenwind, waai door mijn hof, laat balsems geuren… .” “Dan koopt ze in een opwelling een albasten flesje mirre. Bij het afrekenen denkt ze:”Waar ben ik mee bezig, wat bezielt me?” Ben ik verliefd? Nee, dat niet. Ik snak ernaar om geaccepteerd te worden, erbij te horen. Die mirre drukt mijn verlangen uit. Langzaam dringt het tot haar door dat ze die Jezus graag zou willen ontmoeten. Ze heeft zoveel over hem gehoord dat het verlangen hem te zien onweerstaanbaar is geworden. Haar verlangen is haar angst voor afwijzing te boven gekomen. Ze weet: ik ga en neem mijn angst als metgezel mee.

 

Nu kruipen we in de huis van Simon, de Farizeeër verplaatsen, die zich zoals farizeeërs betaamt, nauwgezet aan de geloofsvoorschriften houdt. Ook hij is in de ban van wat er over Jezus verteld en geschreven wordt. Hij spelt al dagen de kranten. Elke dag staat er wel iets op de voorpagina en aan ingezonden stukken geen gebrek. Vorige week opende de “Bode van Jeruzalem” met de kop:”Sabathsrust geschonden door Jezus en zijn volgelingen.” In de loop van de week volgt het ene ingezonden stuk na het andere. Sommige schrijvers zijn het met Jezus eens dat regels er niet zijn om mensen te overheersen, maar om mensen te dienen. Anderen waarschuwen dat je op een hellend vlak terecht komt als je aan de regels gaat tornen en er vrijer mee om wilt gaan.

Deze berichten maken Simon onzeker en nieuwsgierig tegelijk. Ook bij hem blijkt het verlangen kennis te maken met Jezus groter dan zijn angst nog verder van de wijs te raken. En misschien kan hij Jezus wel betrappen op ongerijmdheden, dat zou een kans zijn om uit eigen ervaring een stuk over hem te schrijven.

 

Enfin, Simon trekt de stoute schoenen aan en nodigt Jezus op het eten. Het nieuws gonst door de stad en komt ook de zondares ter ore. In het huis van Simon worden de voorbereidingen getroffen. En de vrouw weet het ineens zeker: ik ga ook naar Simons huis. Die mirre is voor Jezus, dan heb ik het toch niet voor niets gekocht.

Nu verplaatsen we ons in Jezus, die straks naar Simon gaat. Hij weet dat Simon niet onverdeeld achter hem staat, maar dat hindert hem niet. Hij heeft zich ermee verzoend dat zijn optreden niemand onberoerd laat. Dat is spannend en soms lastig, maar zo is het nu eenmaal. Gelukkig zijn de discipelen bij hem. Door hen voelt hij zich gesteund. Maar hij merkt dat hij ook bij hen heftige gevoelens losmaakt. Elke avond hoort hij hen discussiëren over wat er die dag is gebeurd. Hun ideeën en gewoontes worden voortdurend aangevochten. Gelukkig kunnen ze het aan, ze durven nieuwe wegen in te slaan en nieuwe denkbeelden toe te laten.

 

We hebben nu een beeld van de mensen die elkaar straks treffen in het huis van Simon. Uit onze eigen ervaring weten we dat ons innerlijk reageert op de situaties en mensen die ons omringen. Stelt u zich nu voor dat wij als belangstellenden ook een plaats in het huis van Simon hebben gekregen.

 

Er wordt geanimeerd gepraat en dan ineens verandert de sfeer, het gesprek verstomt. We kijken om ons heen. Wat gebeurt er? We zien een vrouw, die hoer nota bene, huilend op Jezus toe lopen. Ze gaat niet voor, maar achter hem staan. Laat zich voor zijn voeten neerploffen en maakt haar haren los. Het moet niet gekker worden. Zoiets doe je als vrouw in het openbaar niet. Een heerlijke geur doortrekt de ruimte. Wat nu weer? Jeetje, ze giet kostbare mirre op zijn voeten in plaats van op zijn hoofd. We kijken van de een naar de ander. Jezus laat zich alles welgevallen, maar we zien dat Simon van schrik verstijft. Ook wij zijn gespannen. Hoe loopt dit af.

 

Jezus doorbreekt de stilte door Simon aan te spreken. Dat geeft lucht. Maar, waarom begint hij nu een verhaal over een geldschieter en schuldenaars? Wat maakt het uit, belangrijker is dat Simons gezicht nu straalt. Hij heeft een compliment gekregen. O, jee, zijn gezicht betrekt weer, nu Jezus begint op te sommen wat Simon, sinds zijn binnenkomst, niet en de vrouw wel gedaan heeft. Namelijk zorg en aandacht aan hem besteed. Eerst denken we dat hij Simon de les leest, maar al gauw beseffen we dat hij ons allen in de spiegel laat kijken. Hij confronteert niet alleen Simon, maar ook ons met de snelheid en kortzichtigheid waarmee we oordelen. Wij waren ook al klaar met de vrouw en keken niet verder dan de oppervlakte. Jezus onderkent haar wanhoop en verlangen naar erkenning.

De zorg en liefde die ze hem betoont, al is het op een ongebruikelijke manier. Ze doet het toch maar. “Tegenover zoveel liefde houdt geen zonde stand, haar zonden moeten wel vergeven zijn” horen we Jezus zeggen. En kijkend naar Simon, zegt hij: “Wie veel liefde geeft, wordt veel vergeven; wie weinig wordt vergeven, betoont weinig liefde.” Dan kijkt hij naar de vrouw en we horen:”Je vertrouwen heeft je gered.”

De ban is gebroken en de aanwezigen beginnen druk te praten over wat ze net gehoord en gezien hebben.

 

Wij verlaten nu het huis van Simon. En kijken wat wij uit dit verhaal kunnen mee nemen. Er zitten veel motieven in, maar ik beperk me tot het thema van vanochtend “Tussen angst en verlangen.” Het leven, ons leven, speelt zich af tussen de polen van angst en verlangen. Wie zich angstig aan de regeltjes houdt is wel braaf maar doet weinig ervaring op. Angst vernauwt de blik, doet mensen verkrampen, houvast zoeken bij wat ze kennen en oordelen over wie of wat afwijkt. De geschiedenis heeft ons geleerd tot welke catastrofes angst voor het vreemde en de vreemdeling toe kan leiden.

De tegenpool, het verlangen, opent het hart en de geest, wekt visioenen over wat beter kan. De vrouw, Simon en Jezus geven elk op hun eigen manier de ruimte aan hun verlangen iets te veranderen. Met zijn verrassende daden en wijsheid weet Jezus tot nu toe mensen tot zelfreflectie en verandering aan te zetten.

 

In” Wie veel liefde geeft, wordt veel vergeven” zie ik een uitnodiging: “Heb het leven lief, durf fouten te maken, naar jezelf te kijken, en je verbeelding en kracht te gebruiken om te veranderen als dat nodig is.

Houd, zoals de vrouw in het verhaal, het lied van verlangen gaande.

Dat we de moed daartoe hebben, wat er ook gebeurt.

Amen

 
       
 

| Archief/Bijdragen | Archief 2008, 2009 en 2010 |

 
 

RG 2010-06-13 | © copyright 'De Duif', Amsterdam | deduif@xs4all.nl