Beste mensen,
Beweging naar het licht. Weer opnieuw de draad van het leven kunnen oppak-ken.
Daar zou ik het over hebben. Dit lijkt me een actueel thema.Denk bijvoor-beeld
aan vele mensen die vastlopen in relaties, in hun werk of werkloosheid; aan
de wereld-aids-dag, die morgen weer gehouden wordt, aan mensen die verslaafd
zijn. Maar denk ook aan mensen die nieuwe, gewaagde stappen maken in hun
leven, vanuit het idee aan iets goeds te beginnen, die een be-weing naar
het licht proberen te maken.
Wat zou je hieruit vanuit een bijbels, gelovig perspectief over kunnen zeggen?
Ik wil op twee aspecten van het thema ingaan, namelijk op beweging en op licht. Eerst op de beweging. Eén van de fascinerende zaken van advent vind ik het geleidelijke. In deze periode van het jaar wordt het geleidelijk steeds donker-der. En in de advent, met het aansteken van de kaarsen, iedere zondag één meer, wordt de omkering naar het licht ingezet. Dat vind ik een mooi beeld en een boeiend beeld. Want juist dit geleidelijke en deze omkering van processen intrigeren mij als gelovige. Waarom?
Geloven voor mij alles te maken heeft met kwaliteit van leven en van samen leving. En die kwaliteit verbetert of verslechtert bijna altijd geleidelijk, zij het soms schoksgewijs. Neem onze kerkgemeenschap. Daarin vinden geleidelijk aan ontwikkelingen plaats, met af en toe een belangrijke stap.
Wat mij vooral boeit en wat ik van belang vind, is of mensen slechte ontwikke-lingen om kunnen zetten in een goede. Of, om een voorbeeld te noemen iemand die depressief is, weer energie en vertrouwen in het leven krijgt. Of wij in deze samenleving de bedreigingen van de natuur, milieu en klimaat eindelijk eens erkennen en offers en keuzes durven gaan maken om een wending ten goede te maken.
Als het om geloof gaat, dan heb ik er niet zoveel behoefte aan om te kunnen stellen hoe het zit, bijvoorbeeld om zeker te krijgen of het allemaal echt gebeurd is wat er in de Bijbel staat. Of om de wereld in te delen in goede mensen en slechte mensen. Of om me druk te maken of er nu wel een hemel bestaat of niet en wie er al dan niet gered zal worden. Of om je af te vragen of God de kwade mensen nu wel of niet straft. Daarmee komt het koninkrijk van God niet zoveel dichterbij denk ik.
Van de meeste dingen weet je wel of ze goed of fout zijn, of iets een negatieve of positieve ontwikkeling is. Je weet meestal wel wat rechtvaardig is en wat niet. Het gaat erom of je iets positiefs in gang weet te zetten.
Juist dat doet de profeet Jesaja. In hoofdstuk 59 schildert hij een zeer onrecht-vaardige levenloze samenleving. Hij heeft het over een volk dat in duisternis wandelt en waarin mensen als blinden langs de muur tasten, en in de bloei van hun leven zijn als doden. In hoofdstuk 60 zegt hij tot dit volk: Sta op en schitter. Mede daarom denk ik dat het zaak is om als gelovig mens te gaan staan om positieve ontwikkelingen te steunen. Het is van belang vanuit je diepste weten en beste kunnen voor goede dingen te kiezen en om een halt toe te roepen aan zaken die je verkeerd ziet gaan. Dingen in je eigen leven of dat van anderen of de samenleving om je heen.
Dat kun je niet alleen. Dat is geen kwestie van individuele keuzes alleen, van ieder voor zich en God voor ons allen. Dat is ook een kwestie van gemeen-schap, van elkaar steunen op de goede maar soms lastige weg en elkander behoeden voor het kwade. Zo interpreteer ik ook de waakzaamheid, waartoe Lucas ons oproept.
Maar de lezingen van vandaag hebben ons nog meer te zeggen. Daarmee kom ik aan het tweede deel van de overweging, waarin ik inga op het licht. Bij Jesaja heb ik me afgevraagd waar hij de kracht vandaan haalt om te roepen: Sta op en wordt helder, uw licht is gekomen. Want de situatie voor het volk Israël was vere van rooskleurig.
Of, om het in het hier en nu te houden, zou je 'sta op en wordt helder, je licht is gekomen' kunnen zeggen tegen iemand, bij wie net is vastgesteld dat hij seropositief is of tegen een man van 35 wiens vrouw, die 6 maanden in ver-wachting was, plotseling door een ziekte is gestorven? Of waar halen de Iraniërs de moed vandaan om weer opnieuw asiel aan te vragen?
Jesaja moet ergens een diepe overtuiging gehad hebben van de God van Licht en een God van gerechtigheid. In vers 16 van hoofdstuk 59 staat te lezen: Vol verbijstering heeft de Eeuwige gezien dat er niemand tussenbeide kwam, in de onrechtvaardige situatie. Toen heeft zijn eigen arm hem geholpen....
God zelf heeft dus de kracht, die komt vanuit zijn betrokkenheid.
Misschien kan er ook wel licht zijn, vanuit het besef dat je bij God ook
welkom bent in de diepe nacht, als je het echt niet meer weet.
Ik moet daarbij denken aan de dood van mijn vader, wat mij overkwam toen
hij 53 en ik 21 was.
Dat gaf veel verdriet en was een grote klap voor ons hele gezin. Ik maakte
toen de keus om bij de begrafenis witte en lichte kleren te dragen. Ik ben
ze, samen met mijn zus, speciaal gaan kopen. Een klein teken van een soort
diep besef dat er Licht is en de dood niet het laatste woord heeft.
Iets dergelijks lezen we ook in Lucas. Er zullen vreselijke tijden komen, met grote verschrikkingen. "De hemelse heerscharen zullen in verwarring gebracht worden" Als je weet dat met de hemelse leger meestal geduid wordt op de grote krachten en machten die het leven hier op aarde in grote mate beïnvloeden, dan kun je lezen dat de Mensenzoon, God die onder de mensen wil wonen, hierbo-ven uitstijgt.
Dat vind ik ten diepste bemoedigend en vreugdevol. En het is alleen met die moed en die vreugde waardoor we waakzaam kunnen zijn en elkander kunnen stimuleren een beweging naar het licht te maken en kunnen behoeden voor het duister van de nacht.
| Vervolg Liturgie
30-11-97 | Catrinus's
"Hoofdpagina"|