Diana Vernooij's overweging, 7121997

Wie kent nog de pelgrimstocht? Ik stel me er niet zo heel veel anders bij voor dan gewone wandel en fietsvakanties. Een tocht van dagen of weken, niet om iets te bereiken, niet om een prestatie te leveren, een record te doorbreken maar om onderweg te zijn. Ik heb het moeten leren. Ik heb wat een keren afgezien, ik was de hele tijd tegen die berg aan het vechten en dacht dan: 'dit is helemaal geen leuke vakantie'. Je redt het niet op wilskracht en doorzettingsvermogen. Dan wordt wandelen en fietsen een opgave. En op vakantie wil je tenslotte genieten van wat er is, tot rust komen.

Daar waar je gaat, daar ben je. Je brengt jezelf in overeenstemming met de weg die je gaat en de energie die je hebt. Is de temperatuur goed en heb je een windje in de rug dan race je de berg op, en met een juichend hart race je de berg ook weer af. Is de weg moeilijk en de zon heet, dan ga je traag en zorg je dat je ademhaling en hartslag gestaag zijn. Je zet stap voor stap. Je denkt niet aan de lange weg naar de top maar je bent bij je trage tempo en toetst of de stappen die je nu zet goed en stevig en rustig zijn. Zo kun je het lang volhouden. En beide voelt goed, zowel de opwinding als de traagheid.

De kunst van het leven is om te zijn bij wat er is, er zal altijd een windje in de rug zijn, en er zijn altijd stijle bergen. Altijd is er geluk en altijd leegte, altijd verdriet en altijd humor. Echt geluk is niet een opeenstapeling van gelukzaligheden, dat kan het niet eens zijn. Een opeenstapeling van geluk wordt vanzelf een saai bestaan. Hoe kun je sterk worden als je nooit tegen de wind in hoeft te fietsen? Hoe word je wijs als je nooit geconfronteerd wordt met de fouten die je maakt? Bergen zijn niet mogelijk zonder dalen, de glorie van de Eeuwige kun je niet zien als je de hindernissen niet slecht.

En toch is het heel moeilijk de dalen in je bestaan te accepteren. Nog moeilijker is het ze te begroeten als tijden waarin je je energie en aandacht zult gaan richten op het meest wezenlijke. Het zijn de tijden dat de oppervlakkige zaken in het leven wegvallen, de verstrooiing en de afleiding, de halfzachte feestjes en de kletspartijen. De kennissen en voorbijgaande vrienden zijn verdwenen, alleen het wezenlijke blijft over. Het zijn de tijden dat je diep in je hart geraakt wordt door de meest pure dingen: iemand die je op straat een goede dag toewenst, of de regen op je gezicht voelen.

Echt geluk is te durven zijn met wat er is, met verdriet, gebrek en al, met fouten en al, met levensmoed en levensvreugde. Het gaat er niet om alleen maar leuke dingen mee te maken, dat wordt ongelooflijk saai. Het gaat erom wat je doet met datgene wat op je pad komt. Ga je de uitdagingen uit de weg, of zet je met knikkende knieen de volgende stap? Leer je van je fouten, schep je moed, geniet je van de verrassingen van het bestaan? En als je door een dal gaat, door een laagte van dorre woestijngrond, schep je er een oase?

Het echte ongeluk zit in de stilstand. Als je denkt dat je er bent, of erger nog, als je weet dat je er niet bent maar je neemt genoegen met wat er is en graaft jezelf in. Je durft niet te voelen wat er is en je bouwt je meningen en je dogma's als een dikke muur om je heen. Niemand die daar aan mag komen. Een mens moet nu eenmaal genoegen nemen met wat er is vertel je jezelf. Je zet je hakken in het zand als er zich veranderingen aandienen.

In de christelijke kerk noemen wij onszelf met enig plezier 'Gods volk onderweg'. Als gelovig mens leven besef je dat je altijd onderweg bent.

Het is goed een doel voor ogen te hebben, een studie, baan, of om iets moois te willen bouwen, wijs te worden, iemands leed te verlichten. Maar staar je niet blind op je doel terwijl je de weg vergeet die je gaat. Als je iets moet en zal bereiken zie je de rijkdom om je heen niet, je ziet zelfs datgene niet dat beter bij je past. Je denkt misschien dat je eerst die baan moet zien te krijgen, of absoluut promotie moet maken, of eerst met de VUT moet voor je toe kunt komen om te gaan vissen. Je vergeet dat er tegen die tijd weer nieuwe problemen en nieuwe wensen zijn. Als je nu niet gaat vissen ga je nooit vissen. Als je vooruit rent kun je nooit echt zijn waar je bent.

Als je beseft dat je altijd onderweg zult zijn kun je de rust zoeken. Waar je ook gaat, daar ben je. Rust is niet neerploffen als je je doel hebt bereikt, en rust is niet een gebrek aan beweging. Rust is als je in overeenstemming bent met de beweging die er is. Als je accepteert dat dit is wat er nu aan de hand is. En dan heb ik het niet over berusting maar over nuchterheid. Zo is het dus, dit zijn de feiten. Als ik het voor het kiezen had koos ik misschien anders, maar hier ben ik.

Ik vind het altijd weer een wonder te ontdekken dat de echte hel in je hoofd zit, in het verzetten tegen wat er is. Ik heb gehoord van centra waar mensen met chronische pijn leren hun stress te verminderen. Wat ze er vooral leren is om de paniek te laten varen, de paniek die zegt: als dit zo door gaat houd ik het niet uit. Die paniek levert meer stress op dan de pure pijn zelf. De pijn die er nu is blijkt als je accepteert dat ze er is niet constant een verschrikking te zijn. Er zijn altijd ook openingen voor iets goeds en het gaat er tenslotte om die ten volle te genieten.

Maak jezelf niet wanhopig met beelden van verschrikkingen, maar leef in het nu en je zult kracht na kracht ontvangen.

Vecht je tegen hetgeen je overkomt dan raak je uitgeput. Maar neem je het als een feit en sta je open voor de positieve kanten. Dan zul je oases scheppen in de woestijn. Je zult zacht zijn voor jezelf en er zal vrede zijn in je bestaan. God is met je, wat er ook gebeurt, niet aan het eind van onze tocht maar onderweg.

Een monnik ging naar zijn leermeester en vroeg: meester wat moet ik doen om verlicht te raken? De meester ging er eens goed voor zitten en vroeg: zit je goed? Ja, ja zei de monnik ongeduldig, ik zit goed, maar vertel me wat moet ik doen om verlicht te worden. En weer vroeg de meester: zit je echt wel goed? En daarna nogmaals, waarop de monnik uitriep: Wat maakt het uit hoe ik zit als ik verlicht wil worden? En de meester antwoordde hem: "Hoe kun je nu verlicht worden als je geen aandacht besteed aan of je wel goed zit?"

Het enige echte doel dat je nastreeft breng je nu al in praktijk.

Je ideaal is je inspiratiebron, je leiddraad in je bestaan. Het zet je op weg en doet je groeien. Je wordt in beweging gezet, bij elke stap groeit je kracht, je gaat van kracht naar kracht.

Maar met een ideaal valt niet te leven als je het ziet als je naar voren stormt en ondertussen niet meer zien waar je bent.

Ik las het verhaal van een oudere schrijfster die bij een brand haar hele huis en alles wat ze aan boeken en spullen bezat verloor. Ze bezat de moed om nadat ze van de eerste schrik en verdriet was bekomen gebruik te maken van de situatie. Ze verhuisde naar een ander land iets wat ze anders nooit zou hebben gedaan.

Dus als je veilige bestaan instort, kun je dat dan begroeten en genoeg vertrouwen hebben om de crisis te doorstaan en te zien welke werelden zich voor je zullen openen?

"Waar je ook gaat, daar ben je." Het is een verrassende uitspraak omdat je er altijd al bent, ook onderweg ben je, dat is van belang. Het is al moeilijk genoeg om te zijn waar je bent. Het is goed een doel in je leven te hebben: iets moois op te bouwen, wijs te worden, iemands leed te verlichten.
Staar je niet blind op het doel terwijl je de weg vergeet. De weg is in feite hetgeen het langst duurt. Je bent altijd daar waar je bent en de rest zit in je hoofd, je fantasieën en maakt je ongeduldig en angstig.

Wees thuis in het onderweg zijn. Zie onderweg zijn niet als haastig ergens willen komen. Onderweg zijn houd je alleen maar vol als je af en toe rust neemt. niet om te blijven zitten waar je zit, want dan vergeet je dat je onderweg bent, maar om je te laven. Onderweg zijn is niet alleen maar verplaatsing. Altijd ben je ergens aangekomen door alle stappen die je zette. En daar ben je nu.

Onderweg zijn houdt ook in dat je je geen zorgen dient te maken voor de tijd daar is. Je moet de rivier pas oversteken als je bij de brug bent gekomen.
De kunst is in het hier en nu te leven, dat is namelijk het enige dat er echt is: dit moment hier en nu, de rest is gedachte, gedachte aan het verleden, gedachte aan de toekomst niet reeel maar vol van oordelen, angsten of hoogdravendheid.

Echt stilstaan kan alleen maar als je ook echt in beweging bent. Zekerheden bouwen, je ingraven in denken dat je alles hebt en houden kunt,
Stilstaan bij het feit dat je onderweg bent.

Je rust vinden in de wetenschap dat onderweg zijn niet betekent dat je nergens bent, maar dat je er altijd bent.

Je bestaat omdat je in beweging bent

Sterk in God zijn betekent de pelgrimstocht in het hart dragen. Dat wil zeggen gaan, met de rust en het vertrouwen op de God in je. De ware pelgrim vertrouwt erop van kracht tot kracht te gaan. Onderweg in de woestijn zul je oases tegenkomen, en met een weinig water zul je de woestijn tot bloei kunnen brengen.

Als je leeft met een doel voor ogen, kun je verblind raken door je doel. Je moet en zal het bereiken. Die carriere, dat diploma, die promotie of een andere prestatie. Verblinding voor wat je onderweg allemaal aan zijpaden tegenkomt, verblinding misschien zelfs voor wat beter bij je zou passen. Je doet de dingen niet vanuit een direct contact met wat goed aanvoelt maar omdat je dénkt dat het goed is. Mensen kunnen zo streng worden voor zichzelf en anderen.

Maar nu de mensen die ziekte en ellende meemaken. Voor wie het vechten, het doel eruit te komen het enige lijkt dat hen erdoor heen sleept.
Zonder doel leven heeft ook geen zin, als je zonder doel onderweg bent strand je altijd wel ergens, maar om te zeggen dat je ergens aankomt, nee.

Wat is het verschil tussen een doel hebben en ergens achter aan rennen? Het gaat om het verschil tussen je ergens aan geven en iets willen hebben. Als je te sterk weet wat je wilt hebben vind je niks. Ik tuin er altijd weer in als ik kleren ga kopen. Ik vind meestal niet wat ik zoek. Maar inmiddels heb ik geleerd een mooie bloes te vinden als ik uit ben op een broek, of een bijzondere broek als ik een jas zoek.

Zo is het ook met de liefde in je leven, of met een baan of met vriendschap, eigenlijk met alles. Met een vooringenomen beeld vind je hoogstens het surrogaat van je ideaal, als je je werkelijk openstelt dient zich allerlei verrassends aan. Als je maar in staat bent om je te verwonderen en te laten verrassen. In feite is het een groeiproces naar een steeds simpeler leven.

Het enige echte houvast dat je hebt in het leven is dat alles verandert. Er zijn geen vastigheden.

Eerst besef je de bergen en de dalen. Als je gaat mediteren is dat het eerste dat op je afkomt: de enorme bergen aan gedachtenstromen die je meenemen weg van het heldere besef van aanwezigheid. Zoals u allemaal meemaakt als u naar deze overweging luistert. Natuurlijk, hoe saaier mijn overweging, hoe meer u afdwaalt, maar toch: wie is in staat om alles van een hele interessante overweging, 10 minuten lang, in volle aandacht en concentratie te horen, zonder ook maar even te zijn afgeleid? Dat zijn hele bijzondere ervaringen, als je dat meemaakt.

Meestal dwalen we af en keren we weer terug. Daar is niks mis mee. Het probleem ontstaat als we tegen onszelf gaan vechten, onszelf willen dwingen ons te concentreren. Menig student die in paniek raakte en niet aan studeren toekwam omdat hij zich met discipline ertoe probeerde te dwingen. Ik geloof meer in de verleiding. Het jezelf lekker maken als je moet gaan studeren, er langzaam inglijden als in een heet bad waar je aan moet wennen.

Concentratie is niet afwezigheid van afleiding maar rustig terugkeren naar waar je mee bezig was, telkens weer, totdat je niet meer wordt afgeleid, omdat het jou heeft meegenomen.

Mijn eigen levensloop hangt van toevalligheden aan elkaar. Die had ik niet kunnen uitstippelen. Nee, integendeel, iedere keer als ik denk een doel of zekerheid in het vizier te hebben en mijn leven daarop instel is er ineens weer iets onverwachts aan de hand en neemt het lot een wending. De eerste keren dat me dat overkwam kwam ik in heftige crississen terecht. Maar zo langzamerhand begin ik daar erg van te houden en stel ik me daarop in, voor zover dat gaat ten minste. Ik pin mezelf niet langer meer vast in een identiteit of een carriereperspectief of vaste gewoonten. Ik laat me met steeds meer nieuwsgierigheid en plezier verrassen. Wat het oplevert is een brede ervaring, maar vooral relativeringsvermogen en een hoop humor.
We negeren het duister omdat we vol ongeduld het licht willen. Vandaag is niet goed genoeg.

De toekomst bestaat nog niet en het verleden is geweest.

Laat je niet verblinden door bergen en dalen, ruige en dorre gronden. Alles waar je tegenop ziet kun je aangaan, ruige gronden zijn er om te ontginnen, en alleen dan laat God zich zien.

| Vervolg Liturgie 71297 | Diana's "Hoofdpagina" |


AM 2511998 | © copyright 'De Duif', Amsterdam | deduif@xs4all.nl