Diana's bijdrage, dienst 24 december 2000
 
     
         
         
 

Lezingen

  • Efese; 6: 10 - 20
  • Luc.; 1: 39 - 45
         
         
 

Inleiding

Goedemorgen allemaal, fijn dat jullie gekomen zijn op deze laatste adventszondag, de laatste dag van verwachting voordat vannacht midden in het diepste duister van de winter en de nacht het licht opnieuw geboren wordt in ons. Om die verwachting uit te drukken steken we de laatste kaars op de adventskrans aan.

Vandaag is een speciale dag, vanmiddag is er een kinderkerstviering en vannacht om 12 uur is er de nachtmis. Daarom zijn we vanmorgen maar met een kleine kring die samen bidt en zingt zonder koor, zonder pianiste. We zullen dus steun bij elkaar moeten zoeken in het zingen van de liederen, en hopen op een goede toonhoogte. Als thema van deze adventstijd hebben we de Belofte 2000, die uit 6 onderdelen bestaat. Het is de hedendaagse pendant van de 10 geboden. Ze zijn niet in religieuze termen geformuleerd. Het zijn deugden als basis voor een liefdevolle en rechtvaardige samenleving. Nooit zullen we kunnen zeggen dat we ze volledig uitoefenen, altijd zullen we onszelf eraan moeten blijven herinneren, altijd zullen we met aandacht moeten leven om ze trouw te zijn. Ik herhaal ze nog een keer in mijn eigen woorden:
ieder mensenleven met respect benaderen,
actieve geweldloosheid praktiseren,
tijd, geld en goederen delen,
vrijheid en culturele diversiteit verdedigen, luisteren om te begrijpen
de zorg op ons nemen voor het welzijn van onze planeet, en
bijdragen aan de ontwikkeling van de gemeenschap in solidariteit met allen.

De vorige weken hebben de eerste vier beloften centraal gestaan, nu gaat het over de laatste twee beloften. Twee bijbelteksten passen daarbij, een die ons in strijdbare termen voorhoudt wat onze wapens zijn tegen de heerschappij van kwade machten en een die ons uitnodigt te vertrouwen op onze intuïtie voor wat waar en goed is, en om te jubelen en juichen.
Ik wens ons allen een goede viering. .

 
       
 

Overweging

Ja zeggen, zonder bedenking of terughoudendheid, voluit ja zeggen tegen het goede dat je herkent. Een ontmoeting met een bijzonder mens, een onweerstaanbare uitda-ging, of je krijgt iets in de schoot geworpen, dat je vervult en op pad stuurt.
Om ja te kunnen zeggen moet je soms eerst nee zeggen. Nee zeggen tegen ver-wach-tingen, eisen of agressie van anderen, nee tegen je eigen gemakzucht of hebzucht of kortzichtigheid.

Ieder mens draagt waarheid en kwade machten in zich, die je soms drijven, die je tot bepaalde daden aanzetten of je ervan weerhouden. Het is onze opdracht om te zorgen dat we de goede machten in ons toelaten, de goede kwaliteiten inslijten en de slechte een ho toeroepen. Het gaat er dan om je niet tegen mensen of tegen jezelf te keren (in Paulus' worden: we strijden niet tegen vlees en bloed) maar steeds te blijven kiezen voor het goede. Zo is het ook met de beloften, ze wijzen ons op onze kwetsbaarheid, op iets waar we ons tegen teweer zullen moeten stellen, tegen geweld, tegen onrecht, tegen inper-king van vrijheid van meningsuiting.
De Belofte is in tientallen talen vertaald, en het valt me op dat de ene vertaling een meer positieve verwoording heeft dan de andere. Wat is het verschil tussen 'geweld verwerpen' en 'actieve geweldloosheid praktiseren'. Het verschil is dat het ene het 'nee' centraal stelt, nee tegen geweld zeggen, en de andere verwoording het 'ja' centraal stelt: geweldloosheid uitoefenen, en d(t gaat nog weer een stapje verder dan nee zeggen. De beloften zeggen nee tegen de doodlopende weg en openen een wereld van: respecteren, delen, luisteren, zorgen, solidariteit uitoefenen en een wereld bouwen van gerechtigheid en vrede.
Paulus gebruikt strijdlustige taal in zijn brief maar zegt tegelijk dat je niet alleen maar moet strijden tegen iets. Je kunt je het beste met alle goede deugden wapenen die er zijn. De waarheid is je ijkpunt, de gerechtigheid je bescherming, de ijver voor het verspreiden van de vrede is je voertuig, het geloof maakt dat je weliswaar gekwetst kunt worden maar niet vernietigd, de Geest zorgt ervoor dat je scherp en helder blijft.
Niet ergens tegen zijn moet je drijfveer zijn, maar ergens vóór zijn - altijd weer: het goede voor ogen houden en daar naar streven.

Dus de beloften zijn geen beloften tegen de verloedering, maar de uitnodiging van het Koninkrijk Gods. De uitnodiging om zorg te dragen voor onze planeet is de uitnodiging om met liefde voor alle levende wezens en alle levenloze dingen, om met liefde voor de cultuur in het leven te staan. De uitnodiging om open en liefdevol te zijn is ook de uitdaging om kwetsbaar te durven zijn, om te beseffen dat we kwetsbaar en afhankelijk zijn van natuur en machten buiten ons en in ons. Dit doet ons beseffen dat ook alles om ons heen afhankelijk is van ons en onze zorgvuldigheid.

De uitnodiging solidariteit te ontwikkelen: hoe kun je dat beter doen dan door goed te kijken naar de levens van andere mensen. Kijken naar de mensen met wie je dagelijks te maken hebt, voorbij aan je verwachtingen en ergernis. Op zoek te gaan en te kijken naar diegenen die buiten het bereik van je veilige wereld liggen. Kijken, beter kijken, praten, meeleven, nog eens kijken en zien. Het eerste dat je ziet is de realiteit van verwoeste levens door armoede, misbruik, oorlog, depressie, criminaliteit, onderdrukking, noem maar op. Hier vallen de schellen van je ogen, je eigen kleine wereldje gaat open, je bent begaan, je hart loopt over.
Wat je vervolgens gaat zien is de ontluistering. Een mishandelde vrouw kan een loeder van een mens blijken dat telkens weer een mishandelende man uitzoekt, een misbruikte kind kan zichzelf opnieuw in de armen van een misbruiker werpen, een kindsoldaat was ooit een moordenaar, een wao-er kan ook een profiteur zijn, een vluchteling soms een racistische gelukszoeker. Slachtoffers kun je beter overlevers noemen en veel overlevers laten een ontluisterend beeld zien van zichzelf als je verder kijkt dan het eerste verhaal.

Slachtoffers zijn geen engelen. In het nauw gedrongen maakt ieder mens rare sprongen. In het nauw worden mensen maar al te vaak intolerant, zelfzuchtig, en gebruiken ze alles om onder hun lot uit te komen, dus als het helpt om slachtoffer te spelen, dan spelen mensen de slachtofferrol en zijn niet meer wie ze zijn.
Het is belangrijk dan niet cynisch te worden en af te haken maar te blijven kijken en vragen: Hoe kan het zo ver komen dat een mishandelde vrouw opnieuw een geweld-dadige partner zoekt? Hoe kan het zo ver komen dat iemand zijn land ontvlucht op zoek naar vrijheid en vervolgens liegt en anderen bedriegt?
Het is een confronterend zien want je komt al die al te mense-lijke mechanismen tegen die in alle mensen werkzaam zijn. En je komt jezelf tegen. Want ieder van ons heeft het mechanisme in zich om je vege lijf te willen redden, zelfs als het ten koste van anderen gaat. Allemaal hebben we het mechanisme in ons om te willen houden wat we hebben en nog meer willen hebben, het mechanisme anderen de schuld te geven als er iets akeligs gebeurt. Dat soort mechanismen maakt ons allen tot kronkelaars om de waarheid heen.
Solidariteit herontdek je als je alle kwaad in de ogen durft te zien, als je je naiviteit aflegt, je romantische wens goed te doen. Kijk ook maar eens naar jezelf. Waarom zou je alleen solidair zijn met nobele en schuldeloze slachtoffers?
Solidariteit vraagt de kunst van te blijven kijken, te blijven vertrouwen en geloven in het goede in ieder mens, niemand af te schrijven. De kunst is het om compromisloos te zijn naar de waarheid maar tegelijk mededogend te zijn naar deze unieke mens. Die kunst krijg je niet vanzelf, die zullen we moeten leren beoefenen. Dat is helemaal geen geheime kunst. Gewoon doen, gewoonweg de zes beloften uitoefenen: eerbiedigen, ontwapenen, delen, begrijpen, zorgen en opbouwen, gewoonweg ons richten naar de waarheid, aandachtig voor God in ons bestaan - dat is voldoende.

Om dat vertrouwen te kunnen houden herinneren we ons dat midden in de meest duistere nacht een groot licht zal worden geboren, telkens weer opnieuw. We herin-neren ons dat voor God niets, maar dan ook niets onmogelijk is. Daartoe houden we vannacht een kerstwake, daartoe mediteren we in stilte, bidden en smeken we onze God. Ondertussen zullen we ons omgorden met waarheid en de gerechtig-heid dragen als een pantser, onze voeten richten op de weg van de vrede. En we beloven onszelf te zullen zorgen voor het welzijn van onze planeet en een gemeenschap te ontwikkelen die solidair is met allen.

Amen.

       
 

Nodiging

Een beter samenzijn, een huis om te delen, een wereld om samen voor te zorgen in solidariteit met elkaar - dat is toch wat ons te doen staat? Als teken van onze vurige wens en niet aflatende ijver delen wij brood en wijn, zoals Jezus ons vroeg.

Kom, laat je inspireren door zijn daden, breek en deel,
wij nodigen je uit om deel te nemen, iedereen is welkom.

Tekst bij breken en delen:
Vrede en alle goeds

Over de belofte
Laten we de belofte niet opvatten als een stellingname, of als een opdracht op onze nek. Laten we hem zien als een groot verlangen van ons hart. Dat is wat ons hart wil: eerbiedigen, ontwapenen, delen, begrijpen, zorgen en opbouwen. Laten we trouw zijn aan die verlangens van ons hart door ze hardop uit te spreken, aanvullend op het gebed dat Jezus ons leerde.

       
 

Zegenbede

Hierbij zijn we aan het eind gekomen van deze viering, vanmiddag en vannacht kunt u u hart ophalen, en er weer bij zijn. U bent welkom voor een kop koffie. Ons rest nu nog de zegen te vragen van de Eeuwige.
"Moge onze geliefde God dicht bij ons zijn de komende dagen
en alle dagen in ons verdere leven.
Moge Zij ons voeden en inspireren,
opdat wij het pad niet kwijtraken,
en onverschrokken voort kunnen gaan.
Moge Hij ons kracht en tederheid schenken en vrede.

Amen.

       
       
 

| Archief/Bijdragen | Diana's "Hoofdpagina" | Gastvoorgangers |
 
 

FV 2000-12-25 | © copyright 'De Duif', Amsterdam | deduif@xs4all.nl