Bijdrage Frans Gerritsma, viering 1 januari 2006
 
 

Voorganger: Frans Gerritsma 

Lector:  Hans Gildemacher

 

 
 

 

     
 

Lezingen :

Prediker 3; 1-8

Joh. 1; 1-5

         
         
 

Meditatie.

De tijd begint wanneer God zijn woord spreekt.

De mens komt tot leven,

krijgt tijd van leven,

om lief te hebben

te leven voor en naar elkaar toe.

De mens zelf komt tot spreken

in woord en gebaar.

De droom van het begin droomt van voltooiing,

het gelukkige einddoel,

waar God alles in allen is.

 

Maar het is nog niet zo ver.

We leven in de tijd

we hebben tijd

we krijgen tijd

we hebben geen tijd

het leven drijft ons voort

er moet weer veel

een nieuw jaar.

 

In de tijd worden tegenstellingen zichtbaar.

Tijd van vloek en tijd van zegen.

 

Een tijd om het veleden te gedenken

met al de pijn die het meebracht

soms moeilijk te vergeven

laat staan om te vergeten.

Pijn om wat je lief was en niet meer is.

Pijn om die geweldige soms meedogenloze wereld.

waar onze onmacht geen raad mee weet.

 

Een tijd van dankbaarheid

om al het goede dat je soms zomaar overkwam

in mensen, in gebeurtenissen

die leven geven.

Dankbaar voor de inzet van velen

het delen van je lot

de troost en de schoonheid

die het leven verheffen.

 

Een tijd vanů..

 

een tijd om even stil te staan

de tijd

de tijd te laten.

Om echt open te staan

voor leven, liefde en licht.

 

De tijd even overstijgen

en ons laten voeren

naar de bron

naar God

voorbij aan onze beelden

 

Zijn zegen te ervaren

die ons dragen zal

dit nieuwe jaar.

 

Tijd van leven

om met velen

brood en ademtocht te delen.
 

 

 

 

   
 

| Archief/Bijdragen | Archief 2006 | Frans' "Hoofdpagina" | Gastvoorgangers |

 
 

RG 2006-01-08 | © copyright 'De Duif', Amsterdam | deduif@xs4all.nl