Bijdrage Alet Aalders, viering 30 oktober 2005

 
 

Voorganger: Alet Aalders

 
 

lector: Yvon van der Velden

 
 

 

Lezingen:

De geschriften van Fraciscus van ssisi, wijsheidspreuken 7; 1-4

Matt. 23; 1-12

Thema: Horen, zien en toch zwijgen?

         
         
 

Welkom

Hartelijk welkom vanmorgen hier in de Amstelkerk. Lekker uitgeslapen of misschien was u wel een uur hier te vroeg aanwezig. De wintertijd is weer begonnen al is daar buiten nog weinig van te merken. Henk staat weer voor het koor en Irina begeleidt ons op de vleugel.

 

Inleiding

 

‘Gelukkig wie de volmaakte weg gaan en leven naar de wet van God, gelukkig wie zijn richtlijnen volgen, hem zoeken met heel hun hart. Zij bedrijven geen onrecht, maar gaan de wegen die hij wijst', aldus psalm 119.

 

In de evangelielezing van vandaag wordt de schriftgeleerden verweten dat zij hun kennis wel aan ons doorgeven maar er zelf niet naar handelen. We kunnen er ook dit in horen: Wee u kerkgangers die op zondag in de kerk zit en op maandag vergeet dat u christen bent. Wat doe je met Gods woord? Franciscus van Assisi zegt: ‘Levend gemaakt door de Geest van de Heilige Schrift zijn zij die iedere letter die ze kennen of willen kennen, niet aan zichzelf toeschrijven, maar deze door woord en voorbeeld aan de allerhoogste Heer God teruggeven, van wie al het goede is.'

 

Vandaag besteden wij ook aandacht aan Allerzielen.

Het ritme van de seizoenen nodigt ons uit om seizoensgebonden te leven. Zo blijven we niet alleen dicht bij de natuur, maar ook dicht bij onszelf. De seizoenen buiten ervaren we ook binnen ons. De herfst, het seizoen van loslaten en afsterven, inkeer en verdieping, nodigt ons uit om stil te staan bij de dood van onze geliefden. Wij weten echter dat in de natuur het afsterven het wonder van het nieuwe leven wiegt en dat geeft ons hoop. Het doet ons dromen.
Zo willen wij vandaag ook aan onze doden denken. Wij hopen en geloven dat zij een nieuw leven zijn ingegaan waar God, onze vader en moeder, hen omarmt in alle eeuwigheid.

 

Inleiding allerzielen

 

Leven is eeuwig afscheid nemen, altijd en telkens opnieuw.
Het is soms zachtjes eenzaam wenen om zoveel schoons dat ons ontviel

Het is vaak niet echt kunnen zeggen wat ons zo zeer doet en verdriet,

het is wat ons zo kwetsend raakt, maar wat geen ander aan ons ziet...

Gebed

 

Kaarsje

Als iemand een kaars pakt en een lucifer en die kaars voor iemand anders aansteekt, dan is er sprake van warmte van de ene mens voor de andere mens.

Onder het nu volgende lied kunt u een kaarsje aansteken om iemand te gedenken.

 
       
 

Overweging.

De schriftgeleerden beschouwden zich als rechtmatige opvolgers van Mozes. Zij stelden dat van hen de wet zou uitgaan. De wetten van Mozes nemen als uitgangspunt de Tien Geboden en staan opgetekend in de vijf boeken van Mozes: Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium. De Mozaïsche wet op zichzelf was zijn tijd ver vooruit, mild en wijs. Het volk werd zachtheid bijgebracht door voorschriften, die het van moedwillige wreedheid af hielden.

De kennis en de studie van die heilige boeken beperkte zich tot de priesters die allen tot de stam Levi, de levieten, behoorden. Later kwam ook een grote groep niet-priesterlijke Israëlieten tot de studie van de wet. Hierdoor ontstond een nieuwe groep, die van de schriftgeleerden, die de studie van de Mozaïsche wet en het geven van onderricht daarin als een levenstaak opvatte. De schriftgeleerden treden steeds meer op de voorgrond en worden de eigenlijke leraren en leiders van het volk, zij zitten, zo wordt gezegd, op de stoel van Mozes. De belangrijkste bezigheid van de schriftgeleerden was de algemene voorschriften van Mozes' wetten verder uit te werken, gewoonterecht vast te stellen en nieuwe bepalingen uit reeds bestaande af te leiden. Hun werk leidde er jammer genoeg toe dat tegen het begin van de christelijke jaartelling het volk onder een verpletterend juk van voorschriften bedolven werd. Dat leidde er toe dat zij wel dienaren van de letter der wet waren, maar de geest ervan verloren. De gelovige jood kon geen stap meer doen zonder het gevaar in botsing te komen met een van de duizenden voorschriften, die zij hadden uitgedacht.

Jezus zegt steeds: het gaat niet om de woorden, het gaat er om dat die woorden worden geleefd. Verderop in Mattheus staat: “Wat het zwaarst weegt in de Wet verwaarloost u: recht, barmhartigheid en trouw! Als het over Gods woord gaat, en over mensen, dan zul je als mens een keuze moeten maken je zult moeten kiezen tussen beleren en bestaan of je zult moeten kiezen voor praten en doen. Een keuze tussen je kop in het zand steken en doorgaan met je leven of je kennis je

Weten-schap daadwerkelijk in praktijk brengen : ‘Door woord en voorbeeld aan de allerhoogste Heer God teruggeven, van wie al het goede is.' Bernardus van Clairvaux (1090- 1153) schreef in de 12 e eeuw: ‘Er zijn mensen die alleen maar willen weten om te weten, en dat is kwalijke nieuwsgierigheid. Er zijn mensen die willen weten om zelf bekend te worden, en dat is kwalijke inbeelding. Er zijn mensen die willen weten om hun kennis te verkopen, bijvoorbeeld voor geld of de eer, en dat is kwalijk gebedel. Maar er zijn ook mensen die willen weten om anderen op te bouwen, en dat is liefde. En er zijn er die willen weten om zelf opgebouwd te worden, en dat is wijsheid'.

Jezus was niet boos op de schriftgeleerden omdat zij op de stoel van Mozes gingen zitten maar omdat zij de geest uit het woord hadden gehaald. Zij stelden zich boven een ander, eigenden zich de kennis toe. Eigenden zich het woord van God toe. Zij verdienden aan het verkopen van die kennis. Maar bovenal zij leefden niet naar hun eigen regels. Als je iets zegt, verkondigd, beloofd maar het niet waarmaakt, maakt dat je woorden leeg. Mensen zullen je niet meer serieus nemen en de boodschap die je weldegelijk bracht zal verloren gaan.

Verloren gaat ook die boodschap die verzand in een veelheid van regels en wetten. Als je rode objecten verzamelt en je stelt jezelf de eis dat ze niet rond, vierkant of rechthoekig mogen zijn, niet op oneven dagen of maanden gekocht mogen worden en verzin nog maar een paar onzinnige eisen, dan ben je op het laatst niet meer bezig met het verzamelen van rode objecten maar bezig te zorgen dat je je eigen wetten niet overtreed. Zo ging het bij het begin van onze jaartelling, in een woud van regels dreigde de boodschap - daarmee de bedoelde wetten van Mozes, daarmee de tien Geboden en daarmee Gods woord te verzanden.

Gaat het nu veel beter? Onze Grondwet telt 24 bladzijden. Als je alle wetten in huis wilt hebben die in dit land gemaakt zijn moet je bij kans groter gaan wonen. Daarnaast heb je huisregels, schoolregels, omgangsvormen, etiquette, gewoonterecht en een eigen agenda. Vaak regels die gelden omdat ze bestaan en soms niet omdat het beter is voor de mens. Een paar voorbeelden: In het boek
'Knielen op een bed violen' las ik dat de hardwerkende hoofdpersoon gedwongen werd zijn eigenhandig gebouwde kas weer af te breken omdat gebleken was dat de afstand van rooilijn tot nok twintig centimeter te hoog was. Het feit dat de kas in het bos lag en door niemand gezien kon worden deed niet terzake, regel is regel. Hoe het afloopt moet u zelf maar lezen. Vorige week op tv zag ik hoe een kinderdagverblijf wat gerund word door vrijwilligers met sluiting werd bedreigd omdat de regels voorschrijven dat de vrijwilligers de kindjes niet uit te lage bedjes mogen tillen. Regels zijn regels als er niet voor een kapitaal verbouwd wordt gaat de tent dicht. Maar ook : Ik heb mij nu eenmaal voorgenomen om vandaag, en vul dan maar iets in, te gaan doen dus moet dat andere maar even wachten. Mijn regel is ook een regel.

Maken wij de keuze tussen onze regels of Gods regels. Kun je in het maken van allerdaagse beslissingen je nog beperken tot de boodschap waarmee bedoeld de wetten van Mozes, daarmee de tien Geboden en daarmee Gods woord. Steken we daarvoor niet ons hoofd te vaak in het zand en laten onze eigen gemaakte wetten voor gaan.

In Matteus 22 vers 36 tot 40 staat: Meester, wat is het grootste gebod in de wet?'Hij antwoordde: ‘Heb uw God lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf. Deze twee geboden zijn de grondslag van alles wat er in de Wet en de Profeten staat.'

Denk eens bij alles wat je doet, bij de beslissingen die je neemt aan deze twee geboden. Dat zal nog best lastig zijn.

Amen

Nodiging

Getrouwe God,

Als kinderen van een zelfde vader scharen wij ons rond de tafel, die U voor ons hebt aangericht. Wij bidden: maak deze tafelgemeenschap hier tot een nieuw begin van leven, herschep deze gaven tot kracht en voedsel op de weg waarin Jezus ons voorging, die veilige weg die leidt naar U.

Iedereen is welkom aan zijn tafel kom dan want alles staat gereed.

 

Gebed

Naar uw woord luisterden wij, goede God.

In onze wereld trachten wij U te zien en te beleven.

Ga dan met ons mee op de wegen die wij gaan.

Wees bij ons wanneer kleine en grote zaken onze aandacht vragen.

Wees bij ons wanneer vreugde en ongeluk ons treffen.

Laten we bidden voor mensen met verdriet voor wie het leven een woestijn lijkt;

dat ze er doorheen komen bemoedigd en gesteund door ons.

Amen

 

Zegenbede

Moge de weg

je leven en dat van anderen
van dag tot dag verrijken.
Vrede op je tocht,
vrede naar buiten,
vrede vanuit binnen.

De Heer zegene en behoede u,
Hij tone u zijn aanschijn en ontferme zich over u,
Hij wende zijn gelaat naar u toe en geve u vrede.

In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest

Amen

 

 

       
 

| Alets "Hoofdpagina" | Gastvoorgangers |

 
 

RG 2005-10-30 | © copyright 'De Duif', Amsterdam | deduif@xs4all.nl